Verhaal

Felle protesten tegen de stadhouder, 1749-1794

Auteur: 
Caspar van Heel

De macht van de stadhouder werd in 1749 bijna zo groot als die van een vorst, toen alle zeven verenigde provincies dezelfde stadhouder kregen en het stadhouderschap bovendien erfelijk werd. We hebben het hier over de familie Oranje-Nassau. Aan het eind van de 18e eeuw werd hoe langer hoe feller geprotesteerd tegen de huismacht van de prinsen van Oranje, die niet alleen stadhouder in de Nederlanden waren, maar ook, korter of langer, graaf van Lingen, graaf van Nassau-Dietz, graaf van Vianden en zo voort, en zo voort.

Joan Derk van der Capellen tot de Pol

Eén van de leidende patriotten - zo noemden zij zich - was een edelman in de provinciale staten van Overijssel: Joan Derk van der Capellen tot de Pol. Hij streed voor de vrijheid van de burgers, dus niet alleen tegen de stadhouders, maar aanvankelijk vooral tegen de drosten, die nog steeds de drostendiensten eisten. Hij won: de drostendiensten werden in 1778 afgeschaft, maar hij verloor: hij moest zijn zetel in de Staten opgeven.

Pamflet: Aan het volk van Nederland

In 1782 kwam hij echter terug, nadat hij het jaar tevoren een pamflet geschreven had: Aan het volk van Nederland, waarin hij een democratische staat voorstelde gebaseerd op de volkssoevereiniteit. En waarin hij en passant de positie van de stadhouder als absoluut overbodig schilderde. Hij stierf in 1784 in zijn huis in Zwolle. Schuin tegenover is 200 jaar later een monument opgericht.

Herman Willem Daendels

Zijn jongere tijdgenoot en medestrijder tegen de volksonderdrukking was Herman Willem Daendels. Daendels stamde uit Hattem, was getrouwd met een dochter van een Orangist. Omdat de schoonvader geen toestemming voor het huwelijk geven wilde, heeft hij zijn bruid geschaakt en is pal over de grens, in Lage (bij Nordhorn) getrouwd. Daendels was zeer militant. Hattem en Elburg weigerden bevelen van de stadhouder (van Gelderland, dat was echter de zelfde persoon als in Overijssel) en werden daarop in 1786 door de stadhouder belegerd en - kan men zeggen - veroverd en geplunderd. Algemeen was de verontwaardiging over dit optreden van de stadhouder. Hij kon zich in Den Haag niet langer handhaven, moest zich naar Nijmegen terugtrekken. Zijn vrouw, de eigenlijke stadhouderes, een geboren prinses van Pruissen, wilde in 1787 terugkeren naar Den Haag, werd echter bij Goejanverwellesluis de weg versperd, was daarover zo boos, dat ze haar broer, de koning van Pruissen om hulp vroeg, wat die maar al te graag deed. Vele patriotten vluchtten naar Frankrijk. Ook Daendels. De stadhouder was machtiger als ooit.

IJslinie

Totdat in 1794/1795 de Fransozen onder generaal Pichegru samen met het Bataafse Legioen onder generaal Daendels noordwaarts kwamen. ‘s-Hertogenbosch werd veroverd tegen eind 1794. Daendels riep zijn medeburgers in Gelderland en Overijssel te hulp. Die aarzelden. Ook Pichegru aarzelde. Het was een extreem strenge winter. De Hollandse waterlinie rond Amsterdam was een ijslinie geworden, waarover de Franse soldaten Utrecht konden bereiken en veroveren. Daendels kon door overreding Amsterdam aan zijn zijde krijgen. En dan begint een revolutie.