Verhaal

1986 De twaalfde provincie

Door Jan ten Hove. Met ingang van 1 januari 1986 krijgt Nederland er een twaalfde provincie bij: Flevoland. Het jongste gewest van ons land bestaat uit de aan het water ontrukte Noordoostpolder en Oostelijk en Zuidelijk Flevoland, die samen de Flevopolder worden genoemd. Overijssel raakt een deel van zijn grondgebied kwijt. De Tweede Kamer heeft immers in 1956 vastgesteld dat de Noordoostpolder, inclusief de gemeente Urk, ‘tijdelijk’ bij de provincie Overijssel zou worden ingedeeld. De term tijdelijk werd gebruikt omdat er over de bestuurlijke toekomst van de IJsselmeerpolders geen zekerheid was. Die zekerheid verkrijgt men evenwel op 27 juni 1985, als bij wet wordt besloten van Flevoland een zelfstandige provincie te maken. De hoofdstad wordt Lelystad, dat zijn naam dankt aan ir. Cornelis Lely, de grondlegger van de Zuiderzeewet van 1918.