Verhaal

1897 - Aap-noot-mies in Deventer

Auteur: 
Jan ten Hove

In 1897 komt de 34-jarige onderwijzer M.B. Hoogeveen uit Deventer op de proppen met het eerste voorbeeld van een leesplankje, een houten plankje vol afbeeldingen met daaronder het bijbehorende woord.

Het uitgangspunt van Hoogeveen is dat scholieren door deze methode woorden leren te ontleden in klanken, die ze vervolgens kunnen samenvoegen. De eerste versie bestaat uit twee rijen met in totaal vijftien woorden. Later worden de rechten opgekocht door uitgeverij J.B. Wolters uit Groningen, die de bekende tekenaar Cornelis Jetses nieuwe plaatjes laat vervaardigen. In 1910 verschijnt het beroemde aap-noot-miesleesplankje met bijbehorende lesmethode op de markt. Een variant, die begint met de woorden geit, zeep, does, wordt ontwikkeld door J.H. Colenbrander. Hij geeft les op dezelfde school in Deventer als Hoogeveen.

*Titelfoto: Het leesplankje van Hoogeveen. (particuliere collectie)