Verhaal

1811 - Eenheid in de rechtspraak

Auteur: 
Jan ten Hove

Met ingang van 1 maart 1811 wordt in Nederland de rechterlijke organisatie eveneens op Franse leest geschoeid. De traditionele lappendeken van een veelvoud aan plaatselijke regelingen ruimt het veld voor eenheid in de rechtspraak.

Enkele jaren eerder is al een scheiding van de bestuurlijke en rechterlijke macht doorgevoerd, waardoor de stadsbestuurders hun justitiële bevoegdheden hebben moeten afstaan aan onafhankelijke rechters. Nu komt in Overijssel ook een einde aan het eeuwenoude rechterlijke systeem van drosten-, stads- en landgerechten. De hoogste justitiële instantie in de provincie, het Hof van Assisen, wordt in de hoofdstad Zwolle gehuisvest. Voorts zijn in Almelo, Deventer en Zwolle rechtbanken van eersten aanleg gevestigd, terwijl op lokaal niveau vredegerechten functioneren. Het nieuwe rechtssysteem blijft ook na het vertrek van de Fransen gehandhaafd.

Titelfoto: Gedrukt signalement van de crimineel Derk ter Morsche uit 1807. (HCO, Archief Departementaal Hof van Justitie)