Verhaal

1666 Reglement voor het onderwijs op het platteland

Door Jan ten Hove. In de 17de en 18de eeuw bemoeien zowel de overheid als de Hervormde Kerk zich met het lager onderwijs. De staat vindt het belangrijk dat jongeren in de schoolbanken tot nuttige leden van de samenleving worden gekneed, de kerkelijke autoriteiten dat ze kennis opdoen van de Bijbel en het hervormde gedachtegoed. In 1666 vaardigen de Staten van Overijssel een schoolreglement uit voor het platteland. Het voornaamste doel is ervoor te zorgen dat de lessen in de juiste geest worden gegeven. De aan de schoolmeesters gestelde eisen beperken zich tot een hervormde geloofsovertuiging en een onbesproken levenswandel. Over hun kennis en bekwaamheid wordt met geen woord gerept. De kwaliteit van het onderwijs laat dan ook veel te wensen over, evenals het schoolbezoek. Veel mensen kunnen niet lezen of schrijven.